Psychomotoriek

De uitdrukking 'al doende leert men' kent iedereen. Eigenlijk wil dit zeggen dat we bij elke beweging (onbewust) moeten nadenken over hoe we die gaan uitvoeren. Psychomotoriek betekent dus: het samengaan van geest (psyche) en bewegen (motoriek). M.a.w. de geest stuurt de bewuste bewegingen, dus denkpatronen kunnen doelbewust beïnvloed worden door bepaalde bewegingspatronen.

 

Een pasgeborene kent alléén maar automatische reflexmatige bewegingen zoals het zuigen, spartelen,... Door enerzijds het opdoen van bewegingservaringen en anderzijds de neurologische rijping van de hersenen leert de baby stilaan zijn lichaam kennen en komt hij tot gestuurde, bewuste bewegingen (vb leert de handjes kennen en grijpt dan naar een voorwerp). Psychomotoriek begint dus zeer vroeg en is een onmisbare voorwaarde voor het latere leven. Daarom is het erg belangrijk dat alle motorische mijlpalen juist bereikt en doorlopen worden om een vlot lichaamsbesef te hebben dat als bouwsteen zal dienen voor onder andere de schoolse vaardigheden.

kinestiterapie psychomotoriek 6Soms stelt men een vertraagde ontwikkeling bij een kind vast. De oorzaak kan het gevolg zijn van een aandoening of het tekort aan motorische ervaring maar vaak is er geen aanwijsbare reden. Kinderen met motorische ontwikkelingsachterstand hebben extra zorg en aandacht nodig. Ze moeten harder hun best doen en meer oefenen om bepaalde vaardigheden onder de knie te krijgen. Omgekeerd is het ook zo dat psychische aspecten zoals faalangst en een laag zelfbeeld de motorische processen kunnen verstoren. Zo vroeg mogelijk ingrijpen kan bij veel kinderen dus heel belangrijk zijn. Een brede psychomotorische basis betekent dus minder compensaties, minder frustraties, minder spanningen en meer groeimogelijkheden: een grotere vrijheid in ontwikkelen.

 

Kinderen ontwikkelen zich normaal gezien spelenderwijs. Al bewegend breiden ze de mogelijkheden uit. We maken hierbij o.a. een onderscheid tussen:

Grove motoriek: vb rollen, zitten, kruipen, lopen, fietsen, klimmen, zwemmen….

Fijne motoriek: vb knippen, tekenen, rijgen, boetseren, schrijven…

Lateralisatie: vb het maken van omkeringen, van rechts naar links schrijven…

 

kinestiterapie psychomotoriek 3

Wie kunnen we dus helpen?

  • Motorische ontwikkelings achterstand
  • Fijne motoriek en schrijfmotoriek
  • Visuomotoriek en visueel-ruimtelijke problemen
  • Schoolrijpheidsproblemen (bij kleuters)
  • Lateralisatieproblemen
  • Concentratieproblemen
  • Faalangst
  • Psychosomatische klachten
  • Houdingsafwijkingen

 

Deze problemen kunnen zich alleenstaand manifesteren, maar komen ook vaak voor bij kinderen met AD(H)D, DCD, ASS…

 

Therapie: 

Psychomotorische therapie richt zich  niet alleen op het behandelen van fijn- en/of grofmotorische vaardigheden. Ook vaardigheden zoals schrijfmotoriek, lateralisatie, ruimtelijk-visuele vaardigheden, ruimtelijke oriëntatie, het gestructureerd leren werken, het geheugen, aandacht en concentratie, tijdsperceptie, werkhouding en ritmegevoel vallen hieronder. Deze psychomotorische vaardigheden vormen een basis om te leren lezen, rekenen, schrijven,..

We starten meestal met lichamelijke therapie:  vanuit een goede lichaamsbewustwording worden al deze vaardigheden verbeterd.

In functie van de problematiek maken we een selectie uit o.a. onderstaande therapieën:

 

KOBHendrickx

KOBHendrickx =  kritische ontwikkelingsbegeleiding volgens Hendrickx.

De praktognostische ontwikkelingsbegeleiding volgens de methode van Hendrickx is gebaseerd op een theorie die stelt dat de cognitieve organisatie van het actieveld bepaald wordt door de wijze waarop iemand zich naar het actieveld toe wendt.  De mate van bewegingsmogelijkheden van een persoon zal bepalen welke graad van ingewikkeldheid van het actieveld de persoon kan begrijpen en reproduceren in de vorm van een bewegingspatroon. Belangrijk in dit onderzoek is de kwaliteit van de uitvoering daar dit een aanduiding is voor de sensomotorische ervaring van het kind. Men peilt de niveaus die niet of niet voldoende ontwikkeld zijn met de daarbij optredende compensaties. De basis voor een goede psychomotorische ontwikkeling bij de baby begint met een goede spierspanning (basistonus), de ontwikkeling van kracht, balans en coördinatie. Daardoor krijgt de baby de mogelijkheid tot hoofdbalans, zitten, rollen, grijpen, stappen en staan; de basiselementen voor de latere complexere motoriek zoals fietsen, springen en zwemmen.

Link: www.vkoh.be

Braingym

Braingym

link: www.braingymbelgium.be

Bodymap

Bodymap Is een organisatie die zich richt naar ouders, scholen, kinderdagverblijven, psychomotorische therapeuten om iedereen te sensibiliseren over het belang van spelen en beweging voor de ontwikkeling van kinderen. Er worden opleidingen gegeven, vakantiekampen georganiseerd, boekjes met spelideeën per leeftijdsgroep uitgegeven….  Ze hebben het “Ontwikkelingslab” gecreëerd  waarin de bewegingsontwikkling van het kind kan opgevolgd worden en via leuke spelvormen kan gestimuleerd worden. Bodymap is voor iedereen toegankelijk.

Link: www.bodymap.be

Reflexintegratie

Wij worden allemaal geboren met primitieve reflexen. Deze hebben als doel ons te beschermen tegen stress of te overleven. Tijdens onze groei, in de baarmoeder en de latere jaren, gaan we vanuit deze reflexen meer en meer bewust bewegen. Onze reflexen vormen dus de bouwstenen van alle aangeleerde bewegingen en vaardigheden. Ze worden door rijping van de hersenen en bewegingservaring meer en meer onderdrukt en overgenomen door doelbewuste bewegingen (maar ze blijven steeds onderliggend aanwezig!). Indien er zich stressvolle situaties (prematuriteit, infectie,...) voordoen kan het zijn dat de baby/kind bepaalde reflexen behoudt of er in vervalt. Hierdoor kunnen er niet efficiënte of zelfs abnormale bewegingspatronen ontstaan.
Door aan reflexintegratie te doen binnen onze therapie gaan we deze weer op punt te stellen zodat het kind ze op de juiste manier aanspreekt wanneer nodig en om een goede bouwsteen te hebben op het verdere doelgerichte bewegen.

link: www.masgutovamethode.nl

Lateralisatietraining

Lateralisatie  Een fase in de neuromotorische ontwikkeling waarbij de linker of rechter hersenhelft zijn dominantie krijgt. Vóór de leeftijd van ongeveer 6 jaar hanteert het kind beide handen en voeten doorgaans evenwaardig. De bewegingen zijn elkaars spiegelbeeld (symmetrisch). Het kind heeft nog geen besef van links en rechts. Vanaf ongeveer 6 jaar treedt de lateralisatie in: er ontwikkelt zich een samenwerking tussen beide handen met een zekere “taakverdeling”. De ene hand voert de handeling uit (actiekant), de andere hand assisteert (steunkant). De voorkeurhand gaat meer en meer de handeling uitvoeren. In deze fase wordt de schrijfhand gekozen. Wanneer een kind nog niet in deze fase beland is en tóch al moet schrijven kunnen er zich problemen voordoen en zal het kind compensaties zoeken. Dit zal uiteindelijk tot leerproblemen leiden.

 

Visuomotoriek en visueel-ruimtelijke oefeningen

Plaats hier de inhoud van de Visuomotoriek

Fijne motoriek en schrijfmotoriek

Plaats hier de inhoud van de Fijne motoriek en schrijfmotoriek